Onderzoek naar gesjoemel met Pensioenkas Kamer: 500 euro extra voor onbestaande jobs

Foto: Bart Dewaele

Kamervoorzitter Siegfried Bracke heeft gisterenavond een brief gestuurd naar het Brusselse parket. Twee medewerkers van de Kamer zouden zichzelf al sinds 2000 in het zwart maandelijks 500 euro extra uitbetalen. Zogezegd omdat ze lid van zijn van de raad van bestuur van de Pensioenkas. Maar die raad komt al jarenlang niet meer samen. Bovendien is één van de twee al jarenlang met pensioen.

“Onthutsend dat zoiets onwettigs kan gebeuren in het huis waar de wetgeving wordt gemaakt.” N-VA-Kamerlid Inez De Coninck is lid van het Bestuurscomité van de Kamer, het orgaan dat de rekeningen van de Kamer controleert. Dat bestuurscomité heeft gisteravond een brief gestuurd naar de procureur van het Brusselse parket om “mogelijke misdrijven” te melden. Meer bepaald gesjoemel bij het beheer van de Pensioenkas van de Kamer, het fonds dat de pensioenen van de Kamerleden betaalt.

Twee medewerkers die bevoegd zijn voor deze Pensioenkas zouden zichzelf maandelijks 500 euro hebben uitbetaald. Dat deden ze op basis van een overeenkomst uit 1999 die de werking van de vzw Pensioenkas regelde. Daarin stond ook de samenstelling van een raad van bestuur: enkele Kamerleden en de twee medewerkers die het eigenlijke beheer van die pensioenkas als job hadden. De overeenkomst was dat de Kamerleden dat zonder extra vergoeding deden, en de twee medewerkers kregen daarvoor wel een extraatje, bovenop hun loon.

Onderzoek naar gesjoemel met Pensioenkas Kamer: 500 euro extra voor onbestaande jobs
Kamervoorzitter Siegfried Bracke stuurde een brief naar het Brusselse parket Foto: Photo News

Die overeenkomst is tegelijk het laatste officiële spoor van die vzw. Sindsdien zijn er geen jaarrekeningen, geen verslagen van bijeenkomsten, niks. De raad van bestuur heeft nooit echt gewerkt. Toch zijn die twee medewerkers zichzelf die vergoeding blijven uitkeren. Dat vermoedt de Kamer na eigen onderzoek, en dat heeft ze nu gesignaleerd aan het parket. Het is een mogelijk misdrijf omdat er geen enkel fiscaal attest is teruggevonden, en de vergoedingen dus waarschijnlijk in het zwart zijn betaald.

“De bal is eind vorig jaar aan het rollen gegaan nadat een andere medewerker van de Kamer meldde dat er mogelijk wanbeheer was bij de Pensioenkas”, zegt De Coninck, die deze zaak samen met haar collega Johan Klaps (N-VA) heeft onderzocht. “Na die melding hebben we een extern financieel én juridisch advies gevraagd. Revisoren hebben een onderzoek gevoerd dat dit mogelijk gesjoemel nu blootlegt. Dat heeft nu geleid tot de melding bij het parket. Het is nu hoog tijd om schoon schip te maken.”

Zelfs na hun dood

Het exacte bedrag van dat extra zwart maandloon is nog niet helemaal duidelijk. Vermoedelijk gaat het om 500 euro per persoon. Eén van de twee is al sinds 2011 met pensioen, maar hij is de vergoeding blijven ontvangen. Dat regelde de andere medewerker, die komend najaar met pen­sioen gaat. “Die bleef vanuit zijn functie in de Kamer vermoedelijk voor zijn collega zorgen”, zegt De Coninck. “Zelfs na hun overlijden zouden die vergoedingen blijven lopen, want in de overeenkomst van ’99 staat dat die na hun dood overgaat op hun echtgenotes.”

Als de bedragen kloppen, zou dat betekenen dat de twee over een periode van 18 jaar elk ongeveer 100.000 euro extra hebben opgestreken. Geld dat vermoedelijk uit de Pensioenkas zelf komt. “We weten het nog niet omdat de boekhouding daarvan niet in de rekeningen van de Kamer zit”, aldus ­Inez De Coninck. “Die zit bij de aparte vzw, die dus al die jaren niet gecontroleerd is geweest. Dat gaat ook om gigantische bedragen.”

Het is nu aan het parket van Brussel om de zaak uit te spitten. In de Kamer wordt werk gemaakt van een nieuwe raad van bestuur van de Pensioenkas, want officieel zijn nog steeds de leden die in 1999 zijn aangesteld, de bestuurders van de vzw, ook al zijn ze nog geen enkele keer samengekomen.

Over de uitbetaling van de pensioenen van de parlementsleden zelf zijn er de voorbije jaren geen klachten over onregelmatigheden geweest.

Door Pieter Lesaffer en Farid el Mabrouk