Advocaten dringen aan op excuses Jambon: “Hij mag geen afbreuk doen aan de fundamenten van onze rechtsstaat”

Bron © BELGA

Advocaat Sven Mary (rechts) pleitte in het proces tegen terreurverdachte Salah Abdeslam voor vrijspraak, omdat er een procedurefout gemaakt zou zijn. N-VA-vicepremier Jan Jambon (links) noemde dat “onbegrijpelijk” en “echt twee straten te ver”. Foto: Photo News

Een groep van een dertigtal (overwegend Franstalige) advocaten dringt in een open brief aan op excuses van minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) na diens uitspraken over het proces-Abdeslam. De advocaten willen ook dat premier Michel zijn minister tot de orde roept.

Minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon reageerde zondag in “De Zevende Dag” op Eén op het proces rond terreurverdachte Salah Abdeslam. Advocaat Sven Mary pleitte daar afgelopen week de vrijspraak, omdat er een procedurefout gemaakt zou zijn. De N-VA-vicepremier noemde dat “onbegrijpelijk” en “echt twee straten te ver”, wat dan weer op verontwaardiging kon rekenen bij advocaten. Ook de Hoge Raad voor de Justitie tikte Jambon op de vingers.

In een opiniestuk dat dinsdag verspreid werd via verschillende Franstalige krantensites vraagt een groep van een dertigtal advocaten dat premier Michel en minister van Justitie Koen Geens hun collega Jambon “zonder ambiguïteit en zonder uitstel” tot de orde roepen.

Vrijheidvan meningsuiting

Volgens de ondertekenaars heeft Jambon door zijn uitspraken niet alleen advocaat Sven Mary onder druk gezet, maar “brengt hij ook ernstige schade toe aan de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechters en aan het vermoeden van onschuld dat geldt voor elke beklaagde die voor de rechtbank verschijnt”.

Volgens de advocaten kan Jambon zich ook niet zomaar beroepen op zijn vrijheid van meningsuiting, want die is “in zijn positie natuurlijk niet absoluut”.

Zonder excuses van Jambon en zonder dat premier Michel Jambon op de vingers heeft getikt kan het proces niet op een serene manier worden voortgezet, menen de ondertekenaars.

“Men mag geen afbreuk doen aan de fundamenten van onze rechtsstaat. De dag dat advocaten niet langer bereid zullen zijn om een terreurverdachte te verdedigen, is de dag dat IS heeft gewonnen”, besluiten de advocaten.