Onderzoeksschip Simon Stevin 

Expeditie ontdekt meer plastics in de Schelde dan in de Noordzee

De Schelde bevat merkelijk meer micro- en macroplastics dan de Noordzee. Dat blijkt uit een onderzoek van het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ). De conclusie botst met internationale studies die stellen dat 80 procent van de plastics in de zeeën uit de rivieren komt.

Afgelopen week organiseerde het VLIZ voor het eerst een expeditie die de impact van zwerfvuil, klimaatverandering en het verlies van biodiversiteit onderzocht. Dat gebeurde zowel in zout, brak als in zoet water. Onderzoeksschip Simon Stevin voer daarvoor van Oostende, via de Westerschelde naar Antwerpen en de Zeeschelde naar Sint-Niklaas.

Vier tot acht keer hoger

Tijdens de expeditie bleek de concentratie macro- en microplastics verschillend tussen zout, brak en zoet. In het zoete deel van de Schelde (de Zeeschelde) is het aandeel plastics vier tot acht keer hoger in het oppervlaktewater dan in het brakke deel, de Westerschelde, en de zoute Noordzee. In de bodem zijn de verschillen kleiner, maar ook hier is het aandeel plastics hoger in de rivier dan in de zee.

Ophopingen

Dat is opvallend want internationale studies stellen dat zeeën vervuild worden door de troep die via rivieren in zee uitmondt. “Dat zijn voornamelijk Aziatische onderzoeken”, zegt woordvoerder Jan Seys. Bij ons lijken de plastics niet door te stromen, maar blijft het hangen. De Schelde is een laaglandrivier met weinig verval. De plastics storten niet in zee, maar worden door getijdenwerking opgehoopt in de rivier. “Dat is ons vermoeden. Meer onderzoek en meer aandacht zijn nodig om plastics in de rivier te gaan opruimen.”

Voor de plastics die wel in zee werden aangetroffen zijn de rivieren niet de enige of belangrijkste bron. “Ook dat leerden we uit deze expeditie. Voor plastics op zee moeten we kijken naar andere bronnen zoals scheepvaart, strandtoerisme en aquacultuur. Mogelijk zijn die belastender dan verwacht.” (agg)

Aangeboden door onze partners

LEES OOK

Hoofdpunten